Onderweg
Metro
Próxima paragem.
Volgende halte.
Dit hoor je als de deuren sluiten of de volgende halte wordt omgeroepen. Het staat ook geschreven, dus een gemist woord maakt de rit niet af.
Portugal
Lissabon is betegelde steegjes en uitkijkpunten boven de Taag, de rivier waar de schepen vertrokken.
Portugees is officieel op uithangborden, in de metro en in fadohuizen, met een Europese klank, anders dan in Brazilië.
Gewone zinnen uit deze stad: de rit, de toonbank, het eten en de groet.
Onderweg
Metro
Próxima paragem.
Volgende halte.
Dit hoor je als de deuren sluiten of de volgende halte wordt omgeroepen. Het staat ook geschreven, dus een gemist woord maakt de rit niet af.
Eten
Pastelaria
Um pastel de nata, se faz favor.
Een custardtaartje.
De bestelling wordt opgebouwd uit zulke korte stukken.
De toonbank
Eléctrico
Sai na próxima.
We stappen uit.
Deze zin is al een hele bestelling. Een langere zin heb je niet nodig.
De straat
Rua
Bom dia.
Goedemorgen.
Mensen houden deze zin kort. Voor het moment is hij genoeg.
Dit is Europees Portugees, geslotener dan Braziliaans spraakgebruik. Je hoort het in de metro en aan de toonbank.
Rond Alfama, Bairro Alto, Mouraria is dit het gewone geluid van de dag.
Een eerste dag in Lissabon kan op vier zinnen: “Próxima paragem.”, “Um pastel de nata, se faz favor.”, “Sai na próxima.” en “Bom dia.”. Elk is al een heel moment.
Een lokaal woord: Pastel de nata. Het betekent Een custardtaartje.
Bakkerijen verkopen pastel de nata, en tasca’s serveren gegrilde sardines en bacalhau.
Trams en de metro klimmen de heuvels op, en veerboten steken de Taag over. Haltes zijn in het Portugees.
Je leest Portugees op menu’s en buurtborden, en een bestelling in het café blijft kort.
| Zin | Betekenis |
|---|---|
| Olá | Hallo |
| Obrigado | Dank je |
| Bom dia | Goedemorgen |
| Chamo-me… | Ik heet… |
Kies de taal die je wilt leren. Begin in de browser of in de app op je telefoon.
Gratis beginnenEen gemeenschappelijke schaal voor taalniveau, van beginner tot gevorderd.
CEFR is het gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen. A1 en A2 zijn beginner, B1 en B2 halfgevorderd, C1 en C2 gevorderd. Je kiest het niveau dat past bij wat je al weet.