Onderweg
Vapur
Sıradaki iskele.
De volgende steiger.
Dit hoor je als de deuren sluiten of de volgende halte wordt omgeroepen. Het staat ook geschreven, dus een gemist woord maakt de rit niet af.
Turkije
Istanboel ligt op twee continenten. De Bosporus scheidt het oude schiereiland van de nieuwere wijken.
Turks is de dagelijkse taal. Rond het toerisme hoor je ook veel andere talen.
Gewone zinnen uit deze stad: de rit, de toonbank, het eten en de groet.
Onderweg
Vapur
Sıradaki iskele.
De volgende steiger.
Dit hoor je als de deuren sluiten of de volgende halte wordt omgeroepen. Het staat ook geschreven, dus een gemist woord maakt de rit niet af.
Eten
Simitçi
İki simit.
Twee simits.
De bestelling wordt opgebouwd uit zulke korte stukken.
De toonbank
Dükkân
Bir çay.
Eén thee.
Deze zin is al een hele bestelling. Een langere zin heb je niet nodig.
De straat
Sokak
Kolay gelsin.
Dat het werk je gemakkelijk afgaat.
Mensen houden deze zin kort. Voor het moment is hij genoeg.
Turks is de stad zelf. Rond bezoekers hoor je ook Engels, Arabisch en Duits, en de lokale dag loopt nog steeds in het Turks.
Rond Karaköy, Kadıköy, Beyoğlu is dit het gewone geluid van de dag.
Een eerste dag in Istanboel kan op vier zinnen: “Sıradaki iskele.”, “İki simit.”, “Bir çay.” en “Kolay gelsin.”. Elk is al een heel moment.
Een lokaal woord: Kolay gelsin. Het betekent Dat het werk je gemakkelijk afgaat.
Je eet simit, gegrilde vis en thee in een klein glas. Je bestelt ze in het Turks.
Veerboten, trams en metrolijnen steken het water en de heuvels over. Je noemt de halte in het Turks.
Je groet, vraagt de weg en bestelt aan de toonbank in het Turks. Voorbij de toeristenstraten worden andere talen schaarser.
| Zin | Betekenis |
|---|---|
| Merhaba | Hallo |
| Teşekkürler | Dank je |
| Günaydın | Goedemorgen |
| Benim adım… | Ik heet… |
Kies de taal die je wilt leren. Begin in de browser of in de app op je telefoon.
Gratis beginnenEen gemeenschappelijke schaal voor taalniveau, van beginner tot gevorderd.
CEFR is het gemeenschappelijk Europees referentiekader voor talen. A1 en A2 zijn beginner, B1 en B2 halfgevorderd, C1 en C2 gevorderd. Je kiest het niveau dat past bij wat je al weet.